Geplaats in Ritverslagen
Artikel 0 reacties
18/04 2010

Gastvrijheid Electrolux voelt als een warme deken voor Keienrenners

Na weken van trainen, trainen en nog eens trainen was het afgelopen zaterdag zover. Als voorgerecht van de Amstel God Race, konden 12000 toerfietsers ervaren wat de grote jongens een dag later voorgeschoteld zouden krijgen.

Jack the Postman en De Jonge Hond hadden dit keer de organisatie tot in de puntjes geregeld. Ruim van tevoren wist iedereen wie er reed, waar en wanneer de fietsen ingeleverd moesten worden en wie de passagiers waren. Toen was er echter het mysterie van de twee niet benoemde dames. Later bleken de eega’s van Luftjohansa en Bor de Wolf ook mee af te reizen naar het diepe zuiden van Nederland.

Na een onrustige nacht (altijd de angst om door de wekker te slapen) rolde ik om 4.30 uur uit mijn warme nestje. Ik had me de avond tevoren al geschoren, zodat ik met allerlei wulpse dames op de TV de gebruikelijk broodjes naar binnen kon werken. Even na vijven stopte er een luxe MPV van Franse makelij met daarin drie gezellige Keienrenners. Na een voorspoedige heenreis, waar de thee en koffie rijkelijk vloeide, kwamen we aan in Valkenburg. Het beloofde een mooie zonnige dag te worden maar het was nu nog net boven het vriespunt.

Electrolux, onze gastheer van vandaag, had weer alles tot in de puntjes geregeld. De fietsen werden van een bike-chip en een stuurbord voorzien en de Keienrenners van een tweetal bandjes. Nadat iedereen zijn plunje had aangetrokken, stond er koffie met heerlijk Limburgse vlaai voor ons klaar. Nadat menig Keienrenner een toilet had bevuild, vertrokken we naar de start.

In een rustig tempo werd de Geulhemmerberg bedwongen, waarna de Keienrenners zich in twee groepen splitsten, voor het volbrengen van de routes van 125 en 150 kilometer. Even later kregen we een kilometerslange afdaling voorgeschoteld, met als gevolg dat onze vingers steenkoud werden en het remmen en schakelen geen pretje was. We besloten even te stoppen om ons in de zon even op te warmen. Toen er een motor van de organisatie stopte, bleek de hete uitlaat een welkome verrassing te zijn.

In een straf tempo reden we langs het Amsterdam-Rijn kanaal (!!!), richting de koeltorens van DSM. Inmiddels was iedereen warm en reden we genietend en keuvelend door het mooie Limburgs landschap. We zaten echt een flow, toen D’n Harold riep: “LEK, LEK, Suikerbuikje rijdt lek”. Bij het wisselen van de geplakte binnenband, werd de zuinige aard van Suikerbuikje “pijnlijk” bloot gelegd. Met de hand op zijn geopereerde hart beloofde hij dat hij nooit meer binnenbanden zou plakken.

Na dit oponthoud konden we onze weg vervolgen en sloten we nabij Elsloo weer aan op de andere routes. Het was er meteen een stuk drukker en als groep moeilijker om bij elkaar te rijden. Onze groep viel daardoor regelmatig uit elkaar, waardoor het tempo sterk wisselde. Net na Ulestraten sloeg voor de tweede keer het noodlot toe. Terwijl iedereen al bovenaan de klim stond te wachten, kregen we het bericht dat er onderaan de klim een Keienrenner moederziel alleen en verdrietig naast zijn fiets stond. Suikerbuikje was wederom getroffen door een lekke band. Terwijl we hem hielpen stopte er naast ons een doofstom Duits meisje met ook een lekke band. De hulploze blik in haar ogen deed Heino en D’n Harold smelten en gezamenlijk hielpen zij haar weer op weg.

We vervolgden onze weg in de meute van 12000 toerfietsers, waar het aantal vrouwelijke deelnemers met het jaar groter wordt. Tijdens een lange klim werd de groep, door een ontketende Jack the Postman, helemaal uit elkaar gereden. Bovenaan besloten we op elkaar te wachten. Echter duurde het ditmaal wel erg lang, waardoor we vreesden dat materiaalpech wederom roet in het eten gooide. Na een telefoontje bleek ons vermoeden waarheid. Ditmaal had een verkeerd afgesteld remblokje de buitenband van Suikerbuikje doen scheuren. Een vrijgevige motorrijder van Shimano bleek ditmaal uitkomst te bieden.

Na dit voorval besloten we om de groep op te splitsen en reed ieder groepje in zijn eigen tempo naar de finish op de Cauberg. Door het mooie weer was het erg druk in Valkenburg en een mooie ervaring om onder luide aanmoedigingen de venijnige Cauberg te bedwingen. Bij de finishlijn stond een camera en daar groette ieder op zijn eigen wijze naar de onfortuinlijke Le Mecanicien, die thuis op zijn laptop onze verrichtingen kon volgen. Nadat we met een vetleren medaille waren behangen en op slinkse wijze een verrassingspakket van Shimano hadden bemachtigd, kwam de rest binnen en vertrokken we in allerijl naar het Electrolux paviljoen. Daar werden we wederom zeer gastvrij ontvangen en konden we onder het genot van een kop soep en heerlijk broodjes weer op krachten komen. Nadat alle sterke verhalen waren uitgewisseld en Electrolux hartelijk was bedankt, vertrokken we aan het einde van de middag weer naar Megen. Na een snelle maar stille terugreis (Suikerbuikje kon zijn ogen niet open houden), kwam er een einde aan een prachtige dag. Volgende week staat de Twan Poels Classic op het programma.

D’n Linke Broeder

 

 

Reacties

Volg reacties via RSS