Geplaats in Ritverslagen
Artikel 0 reacties
1/06 2010

Buienradar laat Keienrenners lelijk in de steek

Vorige week eindigden we in mineur, vanwege de noodzakelijke operatie van Le Mecanicien. Inmiddels is hij weer thuis, gaat het naar omstandigheden goed met hem en is hij al weer achter een looprek gesignaleerd. We wensen hem een snel herstel toe en hopen hem wellicht in het najaar weer in de groep te kunnen begroeten.

Volgens Buienradar zou het s’nachts veel regenen maar vroeg in de ochtend droog worden, waarna de zon zich zou laten zien. In zo’n geval kijk je s’morgens als eerste naar buiten, om je vervolgens in je wielerplunje te hijsen. Na de gebruikelijke broodjes hagelslag besteeg ik mijn stalen ros en reed naar de molen. Daar trof ik geen blauwe brigade aan maar een rode. Bijna alle Keienrenners zagen de bui al hangen en hadden hun regenjacks aan. Een thermometer die maar zes graden aangeeft, is voor De Jonge Hond het sein om met een korte wielerbroek aan het vertrek te verschijnen. Dat zijn benen zwaar behaard zijn, kan wellicht een verzachtende reden zijn.

Nadat we Suikerbuikje hadden gefopt door ons te verstoppen, vertrokken we met de wind in de rug naar Schaijk. Na wat slappe klets bij de inschrijving vertrokken we voor een tocht van 100 kilometer. Ondanks een gewijzigde route was het veel draaien en keren. Na de valpartij van vorige week had Suikerbuikje nog zichtbaar moeite met het gladde wegdek en de vele bochten. Gaandeweg bereikte hij zijn oude niveau en sneed de bochten aan als nooit te voren.

We reden rond met het idee dat het snel droog zou worden. Dit bleek echter niet het geval, want Pluvius was ons vandaag niet gunstig gezind en Buienradar liet ons ook lelijk in de steek. Zo vroeg in het jaar zijn de wegen vies en liggen vol met grind. Onderweg troffen we dan ook menige wielerclubs langs de kant van de weg met een lekke binnenband in hun handen. Gelukkig bleven wij van dit ongemak verschoond en konden wij onze weg vervolgen.

Met bijna 65 kilometer op de teller kwam de pauzeplaats in zicht. Nadat we onze stalen rossen hadden gestald, baanden wij ons een weg naar binnen om daar een kop koffie tot ons te nemen en de blazen te ledigen.

Omdat we zo nat waren, besloten we sneller dan gebruikelijk te vertrekken voor het restant van de tocht. Met de wind schuin op kop voelde het koud aan. Door het noeste kopwerk waren we echter weer snel op temperatuur. Via de brug van Heumen staken we de Maas over en reden we vervolgens kris kras door het Land van Alverna. Daar passeerden we voor de tweede keer de B-ploeg van TWC Coppi, die wederom met een lekke band langs de kant van de weg stonden.

Toen we langs Wijchen naar Balgoij reden, werd met name De Jonge Hond afgeleid door de strakke billenpartijen van twee vrouwelijke joggers. Hierdoor miste hij bijna de juiste afslag. Nadat we Balgoij achter ons hadden gelaten, werden op de Maasbanddijk de jongens van de echte mannen gescheiden (sorry Leontien !!!). Met meer dan 100 kilometer op de teller en de wind pal op kop was bij meeste het beste eraf. In een rustiger tempo reden we naar de brug van Ravenstein. Daar kwam echter het haantjesgedrag van sommige Keienrenners weer boven drijven, werd de groep helemaal uit elkaar gereden en duurde het even voordat we weer als gesloten groep verder konden rijden.

Via Deursen, Dennenburg en Haren keerden we terug naar Megen. Daar waar Jonathan Kuck (WK allround) zich sterk verbeterde, leverde vandaag Jack the Postmen een prestatie van formaat. Hij verbeterde namelijk zijn gereden afstand van 57 naar 121 kilometer. Bij het binnenrijden van Megen hield het op met regenen en zagen we in de verte de zon door het wolkendek breken. Ongetwijfeld zullen de meeste eega’s ons begroet hebben met: “wa zijde gullie gek, om me di weer te goan fietsen”. Volgende week staat de Leeuwentoer in Escharen op het programma.

D’n Linke Broeder

 

 

Reacties

Volg reacties via RSS